Kenmerken van verslaving: hoe herken je het?
Polle van den DopLet op: Drink je veel, of gebruik je GHB, opioïden of slaap- en kalmeringsmiddelen? Stop dan niet op eigen houtje, maar overleg eerst met je huisarts.
Misschien zoek je dit op na een weekend dat uitliep. Of je maakt je zorgen om iemand van wie je houdt en weet je niet goed wat er speelt. Je zoekt de kenmerken van verslaving, omdat je wilt weten waar je staat.
Hieronder staan de kenmerken die hulpverleners gebruiken. Je leest hoe ze er bij jezelf en bij iemand anders uit kunnen zien, en welke veranderingen vaak als eerste opvallen. Herken je jezelf, dan lees je ook hoe je eruit komt met de Doorzien-methode. Daarop is mijn traject Van verslaving naar vrij leven gebaseerd. Het artikel gaat over alcohol, drugs én medicijnen.
In dit artikel
- Wat zijn de kenmerken van verslaving?
- Wat merk je zelf, en wat ziet een ander?
- Welke criteria gebruiken hulpverleners?
- Moet je lichamelijke klachten hebben?
- Welk kenmerk van verslaving zie je het eerst?
- Waarom zie je het bij jezelf zo laat?
- Wat hebben alle kenmerken met elkaar te maken?
- Wat doe je als je de kenmerken herkent?
- Wanneer is stoppen gevaarlijk?
- Veelgestelde vragen
Wat zijn de kenmerken van verslaving?
De kenmerken van verslaving komen neer op één ding: je kiest minder vrij over het gebruik dan je zou willen. De Hersenstichting zegt het kort: bij een verslaving heb je geen controle meer over het gebruik van bijvoorbeeld alcohol of drugs. Dat zie je terug in vier groepen.
- Gedrag. Je gebruikt meer of langer dan gepland. Minderen of stoppen lukt niet. Je bent veel tijd kwijt aan regelen, gebruiken en bijkomen.
- Lichaam. Dezelfde hoeveelheid doet minder, dus je hebt meer nodig. Zonder het middel slaap je slecht of voel je onrust.
- Gedachten. Je denkt vaak aan gebruik of voelt een sterke drang. Je onderhandelt met jezelf over wanneer en hoeveel.
- Sociaal. Het gaat minder goed op je werk, bij je studie of thuis. Hobby's en vrienden raken op de achtergrond. Je schaamt je en praat er liever niet over.
Eén kenmerk zegt op zichzelf weinig. De vraag is of je meerdere kenmerken herkent die blijven terugkomen. Vaak is dit het duidelijkste teken: je kent de nadelen, en toch blijf je gebruiken.
Zo kijk ik er ook naar: samen laten de kenmerken zien hoeveel ruimte het gebruik in je leven heeft gekregen. Twijfel je vooral of het woord verslaafd bij je past, lees dan ben ik verslaafd. Wat verslaving precies is, en of het een ziekte is, staat in wat is verslaving.
Wat merk je zelf, en wat ziet een ander?
Wat jij van binnen merkt, ziet een ander vaak pas veel later, of helemaal niet. De Hersenstichting maakt dat onderscheid ook: sommige kenmerken merk je bij jezelf, andere ziet een naaste. In de tabel staan ze naast elkaar.
| Kenmerk | Wat je bij jezelf merkt | Wat een ander ziet |
|---|---|---|
| Gedrag: meer dan je wilde | Je had er twee gepland, het werden er vijf. Je eigen plan houdt geen stand. | Iemand gebruikt steeds meer en vaker. |
| Gedrag: minderen lukt niet | Je begint steeds opnieuw met een nieuw voornemen. | Beloftes om te minderen die niet lang duren. |
| Lichaam: meer nodig hebben | Dezelfde hoeveelheid doet minder dan vroeger. | Iemand lijkt steeds minder gevoelig voor het middel. |
| Lichaam: klachten zonder | Slecht slapen, onrust of andere klachten als je niet gebruikt. | Een stemming die sterk wisselt. |
| Gedachten: er vaak mee bezig | Je denkt de hele dag aan het middel, of aan wanneer het weer kan. | Bijna niets. Dit speelt zich binnen af. |
| Gedachten: onderhandelen | Je maakt afspraken met jezelf en past ze steeds aan. | Bijna niets. |
| Sociaal: minder ruimte voor de rest | Sport, hobby's en afspraken schuiven op. | Iemand zegt vaker af, trekt zich terug en is minder bezig met wat eerst belangrijk was. |
| Sociaal: zwijgen | Schaamte. Je praat er liever niet over. | Boos worden of ontkennen als je ernaar vraagt. |
| Sociaal: werk en thuis | Werk, studie of het huishouden lukt minder goed. | Taken en afspraken die blijven liggen. |
| Stemming | Je voelt je vaker somber of angstig. | Iemand is prikkelbaar, stil of down. |
Bron: Hersenstichting (kenmerken bij jezelf en bij een naaste) en Jellinek (criteria). Voorbeelden in eigen woorden.
Bij veel kenmerken staat er weinig in de kolom voor een ander. Wat jij in je hoofd merkt, kan lang onzichtbaar blijven. Verderop lees je meer over het kenmerk dat je meestal het eerst ziet.
Let je vooral op een ander? Lees dan drugsgebruik herkennen, of bij drinken hoe herken je een alcoholist.
Welke criteria gebruiken hulpverleners?
Hulpverleners toetsen meestal aan de DSM-5, een handboek voor psychische stoornissen. Voor middelengebruik staan daar elf criteria in. Ze kijken naar de afgelopen twaalf maanden. Gelden er twee of meer, dan spreekt het handboek van een stoornis in middelengebruik. Het woord verslaving gebruikt het handboek niet, legt Jellinek uit.
Het Trimbos-instituut omschrijft de stoornis als een problematische manier van gebruiken die leidt tot "klinisch significante beperkingen of lijdensdruk". De richtlijnendatabase gebruikt dezelfde woorden. In gewone taal: het gebruik zit je leven echt in de weg, of je lijdt eronder. De elf criteria passen in dezelfde vier groepen als hierboven.
| Groep | Criteria in het kort | Aantal |
|---|---|---|
| Gedrag | Meer of langer gebruiken dan gepland. Willen minderen of stoppen zonder dat het lukt. Veel tijd kwijt aan regelen, gebruiken en bijkomen. | 3 |
| Gedachten | Hunkering, oftewel drang naar het middel. | 1 |
| Sociaal en risico | Taken op het werk, op school of thuis laten liggen. Doorgaan ondanks problemen met anderen. Activiteiten opgeven. Gebruiken waar het gevaarlijk is. Doorgaan terwijl je de schade kent. | 5 |
| Lichaam | Tolerantie: meer nodig voor hetzelfde effect. Onthoudingsverschijnselen bij stoppen of minderen. | 2 |
Bron: Trimbos-instituut, Jellinek en richtlijnendatabase. Ernst: twee of drie criteria is licht, vier of vijf matig, zes of meer ernstig.
Volgens Jellinek spreekt de WHO van afhankelijkheid als in het afgelopen jaar drie van haar kenmerken golden. De volledige lijst van elf, uitgelegd bij drinken, lees je in wanneer ben je alcoholist.
Een diagnose stelt een huisarts, psycholoog of verslavingsarts. Jellinek heeft zelftests per middel, en noemt de uitslag zelf "een indicatie en geen diagnose".
Moet je lichamelijke klachten hebben?
Nee, voor een verslaving zijn lichamelijke klachten niet nodig. Tolerantie en onthouding zijn twee van de elf criteria. Je kunt twee of meer andere kenmerken hebben terwijl je lichaam rustig blijft.
Per middel verschilt dat veel. Over cocaïne schrijft Jellinek dat het "niet (of zelden) lichamelijk verslavend" is. Tolerantie ontstaat daar alleen bij veel, langdurig en regelmatig gebruik. Toch kun je er geestelijk afhankelijk van worden. Na stoppen kunnen wel neerslachtigheid, uitputting en onrustig slapen komen.
Bij slaap- en kalmeringsmiddelen ligt het anders. Daarvan word je volgens Jellinek geestelijk én lichamelijk afhankelijk. Bij dagelijks gebruik werkt een slaapmiddel al na twee weken minder, een kalmeringsmiddel na acht weken. Naar schatting 600.000 mensen gebruiken zo'n middel langer dan drie maanden. Veel van hen zien zichzelf niet als iemand met een verslaving, maar als iemand met een chronisch probleem. Daarover gaat verslaafd aan je medicijnen.
Geen klachten bij stoppen betekent dus niet dat het meevalt. Welke klachten bij welk middel horen, staat in onthoudingsklachten per middel.
Welk kenmerk van verslaving zie je het eerst?
Het eerste kenmerk van verslaving zie je meestal alleen zelf: de onderhandeling in je hoofd. Lang voordat werk of relaties eronder lijden, begint dat gesprek. Alleen in het weekend. Vanavond even niet. Oké, eentje dan, want het was een zware dag.
Je maakt een afspraak met jezelf en zoekt tegelijk naar ruimte om ervan af te wijken. Zo blijf je met jezelf onderhandelen. Het lijkt op het criterium willen minderen zonder dat het lukt, maar begint veel eerder.
Soms gebruik je niet, maar ben je er toch de hele avond mee bezig. Je stelt uit, twijfelt en zegt opnieuw nee. Voor een ander kan dat onzichtbaar blijven, terwijl het jou veel energie kost.
Daarom zegt "ik kan het toch laten" minder dan het lijkt. De vraag is ook hoeveel het je kost om niet te gebruiken. Meer daarover lees je in constant aan gebruiken denken.
Het eerste kenmerk is meestal geen gebruik. Het is een gesprek met jezelf dat niet stopt.
Waarom zie je het bij jezelf zo laat?
Je ziet de kenmerken bij jezelf laat, omdat je gebruik vergelijkt met het moment ervoor. Je vergelijkt dus niet met je leven van een paar jaar terug. Vóór het eerste glas of de eerste lijn was je moe, gespannen of verveeld. Daarna voel je je beter. Dat maakt de vergelijking scheef: gebruik lijkt daarin een goede keuze.
Kijk je naar het hele verloop, dan zie je meer: het wachten, het regelen, de roes en de tijd erna, inclusief de tijd die je nodig hebt om bij te komen. Pas dan worden de kenmerken zichtbaar. Je merkt misschien dat afspraken verschuiven, ochtenden zwaarder zijn of je sneller geïrriteerd raakt.
Daar komt je normale stemming bij: hoe je je op een doorsnee dag zonder middel voelt. Bij veel mensen die vaak gebruiken zakt die stemming in stapjes die je niet opmerkt. Je vergelijkt dus met een gewone dag die zelf zwaarder is geworden. Daardoor lijkt het verschil tussen met en zonder gebruik groter dan het is.
Mensen om je heen zien soms eerder wat er over maanden verandert. Zelf kijk je misschien vooral naar de avond van vandaag.
Wat hebben alle kenmerken met elkaar te maken?
Alle kenmerken zijn sporen van dezelfde vicieuze cirkel, die steeds opnieuw rondgaat. Een ronde begint bij de aanleiding. Daarna komen de verwachting en het gebruik. Daarop volgen de nasleep en ten slotte de conclusie. Dan begint de cirkel opnieuw. Bij elke stap hoort een ander kenmerk.
| Stap in de vicieuze cirkel | Welk kenmerk je daar ziet |
|---|---|
| De aanleiding: een lege avond, spanning, een feest, een ruzie | Vaak aan gebruik denken. Tijd en plannen die om het gebruik heen draaien. |
| De verwachting: rust, lef, erbij horen, even niets voelen | De drang en de innerlijke onderhandeling. |
| Het gebruik | Meer of langer dan gepland. Meer nodig voor hetzelfde effect. |
| De nasleep: moe, somber, spijt, lichamelijke klachten | Slecht slapen, onthoudingsklachten, tekortschieten op werk of thuis. |
| De conclusie: ik heb dit nodig, zonder lukt het me niet | Schaamte, zwijgen, en het gevoel dat je het nodig hebt. |
De aanleiding komt niet altijd van buiten. Soms zorg je er zelf voor zonder dat zo te bedoelen, zoals wanneer je een afspraak laat lopen of een avond toevallig leeg blijft. Die keuzes lijken op het moment zelf los van elkaar te staan. Later kun je zien hoe ze samenhingen.
De belangrijkste stap is de verwachting. Daarin zit de reden dat je gebruikt: wat je in het middel zoekt, zoals rust, lef of even niets voelen. Dat voelt echt. Maar eronder klinkt vaak iets over jezelf mee: zonder dit ben ik niet genoeg.
Veel sociale kenmerken hangen daarmee samen. Schaamte kan het moeilijker maken om over gebruik te praten. Dan kan iemand ook het gebruik gaan verbergen of erover liegen. Dat komt niet door een slecht karakter, maar door hoe de cirkel werkt. Lees daarover verslaving en schaamte.
Elke verslaving heeft twee kanten: het gebruik zelf, en de reden dat je gebruikt. In elf stappen laat ik je zien waarom je gebruikt en doorzie je wat het middel je werkelijk geeft. Zo stop je met je verslaving, eenvoudiger dan je denkt.
Wat doe je als je de kenmerken herkent?
Herken je meerdere kenmerken, dan kun je al iets doen. Je hoeft niet eerst zeker te weten of het een verslaving is. Zo pak je het aan.
- Denk eerst aan veiligheid. Gaat het om alcohol, GHB, opioïden of slaap- en kalmeringsmiddelen? Bespreek dan met je huisarts hoe je veilig stopt.
- Wil je persoonlijk begeleid worden? Volgens Thuisarts kan de huisarts meekijken en je doorsturen naar de verslavingszorg; voor een vergoede behandeling daar is die verwijzing doorgaans nodig. Je kunt ook de Jellinek Advieslijn bellen: 088 505 1220.
- Begin bij de reden. Wat zoek je in het middel, en lost het dat werkelijk op? Daar zit je keuze, veel meer dan in streng zijn voor jezelf.
- Kijk naar de hele cirkel, niet alleen naar de avond. Zo zie je dat het middel de reden niet oplost, maar elke ronde sterker maakt.
- Kies je route. Je kunt rechtstreeks voor het traject kiezen; hieronder lees je er meer over. Wil je liever persoonlijk behandeld worden, dan kun je naar de verslavingszorg.
Wie kenmerken bij zichzelf ziet, reageert vaak met een strengere regel, een verbod of een datum om te stoppen. Dat voelt logisch. Maar bij veel mensen leidt een verbod juist tot meer onderhandelen met zichzelf: wat je niet mag, wordt interessanter.
Zie je dat het middel niet oplost wat je erin zoekt, dan valt de reden weg en verdwijnt de behoefte. Er valt dan niets meer te verbieden en niets te weerstaan. Waarom een verbod zo vaak niet blijft werken, lees je in waarom wilskracht niet werkt.
Daarvoor is Van verslaving naar vrij leven een volwaardige route. Het traject telt elf online stappen. Je stopt met gebruiken doordat de reden wegvalt, niet doordat je jezelf tegenhoudt. Het is juist ook bedoeld voor wie al vaker is gestopt en bij wie het verlangen steeds terugkwam. Dan is de reden er nog, en daar begint het traject. Je hebt geen verwijzing nodig en begint wanneer je wilt: bekijk het traject.
Wil je liever persoonlijke begeleiding, dan noemt Thuisarts de verslavingszorg, zelfhulp en lotgenoten, zoals NA (Anonieme Verslaafden). Welke hulp er is, lees je in hulp bij verslaving.
Wanneer is stoppen gevaarlijk?
Bij een paar middelen is in één keer stoppen lichamelijk gevaarlijk.
Bij langdurig of zwaar gebruik van alcohol kan plotseling stoppen een ernstig onthoudingssyndroom veroorzaken. Langdurig gebruik van slaap- en kalmeringsmiddelen vraagt vaak om geleidelijke afbouw in overleg met een arts. Ontwenning van GHB kan ernstig en soms levensbedreigend zijn. Ontgifting van opioïden hoort doorgaans begeleid te worden. Overleg met je huisarts voordat je iets verandert.
Meer uitleg staat bij Thuisarts en Jellinek. Per middel lees je het in cold turkey stoppen.
Bij acuut gevaar bel je 112. Denk aan iemand die niet wakker te krijgen is, moeilijk ademt of een toeval krijgt.
Heb je sombere gedachten, of gedachten over zelfdoding? Neem dan contact op met 113 Zelfmoordpreventie. Je belt gratis 113, of je chat via 113.nl.
Een arts begeleidt het veilig afbouwen: dat gaat over je lichaam. Het traject vervangt die medische afbouw niet. Het gaat over de verslaving zelf: de reden dat je gebruikt, en het verlangen dat steeds terugkomt. Na een afbouw bestaat de reden nog; daar begint het traject.
Veelgestelde vragen
Wat zijn 5 kenmerken van een verslaving?
+
Vijf veelgenoemde kenmerken zijn: meer gebruiken dan gepland, willen minderen zonder dat het lukt, veel tijd kwijt zijn aan gebruik, andere dingen opgeven en doorgaan ondanks de nadelen. Ze komen uit de elf DSM-5-criteria. Eén kenmerk alleen is nog geen verslaving.
Wat zijn de eerste signalen van een verslaving?
+
De eerste signalen merk je meestal zelf: vaak aan gebruik denken en afspraken met jezelf die steeds schuiven. Een ander ziet volgens de Hersenstichting bijvoorbeeld dat iemand meer en vaker gebruikt, afspraken afzegt of zich terugtrekt.
Wat is verslavingsgedrag?
+
Verslavingsgedrag is gedrag dat rond het gebruik draait. Denk aan stiekem gebruiken, smoesjes, afspraken afzeggen, boos worden bij vragen en minder tijd voor wat eerst belangrijk was. Vaak hangt het samen met schaamte. Meer daarover lees je in gedrag van iemand die gebruikt.
Kun je verslaafd zijn als je niet elke dag gebruikt?
+
Ja. De criteria gaan over controle en gevolgen, niet over hoe vaak je gebruikt. Ook wie alleen in het weekend gebruikt, kan meerdere kenmerken hebben.
Gelden deze kenmerken ook voor gokken of gamen?
+
Deze kenmerken gelden grotendeels ook voor gokken en gamen. De Hersenstichting rekent ook gedrag als gamen en gokken tot verslaving. Jellinek heeft zelftests voor gokken en gamen. Dit artikel gaat vooral over alcohol, drugs en medicijnen.
Wat zijn de drie fases van verslaving?
+
De Hersenstichting noemt drie fases. Eerst een positieve reactie: je merkt de prettige kant. Dan verlies van controle: je hebt meer nodig voor hetzelfde effect. Tot slot een negatieve reactie: andere dingen worden minder belangrijk. Hoe een verslaving ontstaat, lees je in is verslaving een keuze.
Kun je verslaafd raken aan medicijnen van de dokter?
+
Ja. Van slaap- en kalmeringsmiddelen word je volgens Jellinek geestelijk en lichamelijk afhankelijk, ook op voorschrift. Stop er niet in één keer mee, maar bespreek geleidelijk afbouwen met je arts.
Bronnen
- Jellinek: Wanneer ben je verslaafd?
- Jellinek: Wat is de DSM 5 (V)?
- Trimbos-instituut: Stoornissen in het gebruik van alcohol volgens de DSM-5
- Richtlijnendatabase: Anamnese bij drugsmisbruik
- Hersenstichting: Verslaving
- Jellinek: Kun je verslaafd raken aan cocaïne?
- Jellinek: Kun je verslaafd raken aan slaap- en kalmeringsmiddelen?
- Jellinek: Heb ik een verslaving? (zelftests)
- Thuisarts: Ik wil stoppen met drugs of minder gebruiken
- 113 Zelfmoordpreventie
Herken je de kenmerken bij jezelf?
Bijna alle hulp begint bij het gebruik zelf: jezelf tegenhouden, sterk blijven. Van verslaving naar vrij leven begint bij de andere kant. In elf stappen laat ik je zien waarom je gebruikt en doorzie je wat het middel je werkelijk geeft. Zodra de reden wegvalt, verdwijnt de behoefte: je gaat van niet meer mogen naar niet meer willen. Zo stop je met je verslaving, eenvoudiger dan je denkt.
Bekijk het traject →€197 · online, in je eigen tempo
Lees ook
Geschreven door
Polle van den Dop
Verslavingscoach en maker van de methode achter Verslaving Doorzien
Ik help mensen stoppen met hun verslaving. Daarvoor ontwikkelde ik Van verslaving naar vrij leven, een online traject van elf stappen. Je hoeft niet sterker te worden. Je hoeft alleen te doorzien wat gebruik je werkelijk geeft. Lees waar de methode op rust.



